Omgangsregeling

Het kind heeft, na een beëindiging van een relatie tussen de ouders, recht op omgang. Dit geldt voor zowel de met gezag belaste ouder als de niet met gezag belaste ouder. Met andere woorden, indien (meestal) de vader niet het gezag over het kind heeft, houdt hij onverlet het recht op omgang met zijn kind. Gezien art. 1:377a BW omvat dit zelfs een omgangsplicht.

Bepaling omgangsregeling door de rechter

In beginsel dienen ouders zelf onderling een regeling te treffen over een adequate omgangsregeling. Lukt het niet om er samen uit te komen, dan zal de rechter een omgangsregeling treffen. Hierbij let hij onder meer op de belangen van beide ouders en de leeftijd van het kind.

Grondslag omgangsregeling

Er zijn twee mogelijke wijzen waarop een omgangsregeling verzocht kan worden. De eerste is via een verzoek gegrond op art. 1:377a BW. In dit geval kan de rechter alleen het verzoek beoordelen naar de loutere omstandigheden zoals die in het verzoekschrift is vermeld. De rechter mag niet buiten de grenzen van het geschil treden. Bij een verzoek gegrond op art. 1:253a BW mag dat wel. Bij art. 1:253a BW zal de rechter geschillen tussen beide ouders over de uitoefening van het gezag beslechten. Hij zal daarbij een oordeel geven dat in het belang van het kind dient te zijn.

Effectuering omgangsregeling

Hoe verloopt de omgangsregeling in de praktijk? Het komt vaak voor dat een van de beide ouders de omgangsregeling niet nakomt. De wet biedt in dergelijke gevallen de mogelijkheid om de omgangsregeling te effectueren. Zo kan de ouder verplicht worden om de omgangsregeling na te komen op straffe van een dwangsom. In het geval de ouder de omgangsregeling niet nakomt worden de dwangsommen verbeurd en kunnen deze worden ingevorderd.

Daarnaast kan de rechter verzocht worden ingevolge art. 1:253a lid 5 BW een dwangmiddel op te leggen om de omgangsregeling na te komen. De rechter is niet verplicht een dergelijk verzoek na te komen; het komt in alle gevallen aan op een afweging van de belangen tussen enerzijds die van beide ouders onderling en het kind. De wet maakt onderscheid tussen een omgangsregeling en het nakomen van die omgangsregeling door middel van dwang: in dit laatste geval dient het belang van het kind voorop te staan. Art. 8 EVRM (recht op family life) maakt dit niet anders.

Andere alternatieven ter effectuering

Andere methoden ter effectuering van de omgangsregeling zijn lijfsdwang en reële executie. Omdat dit zware middelen zijn zal een zorgvuldige afweging op zijn plaats zijn met het oog op de belangen van het kind. Lijfsdwang (ook wel: gijzeling) zal worden toegepast indien aannemelijk is dat een ander dwangmiddel geen soelaas zal bieden. Gezien de ingrijpendheid van het middel zullen eerst andere middelen worden ingezet. Het zal in de regel worden opgelegd als duidelijk is dat de omgangsregeling toch niet zal worden nagekomen.

Advocaat omgangsregeling

In het geval van art. 1:377a BW kan een omgang definitief worden ontzegd. Het is echter mogelijk dat de omstandigheden tussen beide ouders wijzigen. In dat geval kan een nieuw verzoek tot omgang worden ingediend. Als er echter een verzoek wordt ingediend op grond van art. 1:253a BW zal een eventueel contactverbod tussen de ouder en het kind steeds tijdelijk van aard zijn, al is het mogelijk dat ook in dit geval een definitief contactverbod kan worden aangevraagd. Een verzoek op grond van gewijzigde omstandigheden kan na een jaar. Een advocaat familierecht kan u hierbij van dienst zijn.

mr. P.P.J.L (Peter) Appelman

Geboren in 1956 en vader van drie zonen. Oprichter van het kantoor en sinds 1985 advocaat te Alkmaar.

Mijn aandachtsgebieden als advocaat zijn arbeidsrecht, sociaal zekerheidsrecht en personen- en familierecht.

Mijn hobby is atletiek. Momenteel ben ik actief als looptrainer bij atletiekvereniging Trias in Heiloo. Ik loop jaarlijks nog de kwart marathon van Egmond. In mijn jongere jaren was ik een begenadigd middenafstandsloper met o.a. een Nederlands kampioenschap.

mr. J. (Johan) de Haan

Geboren in 1961, getrouwd en vader van drie kinderen. Advocaat te Alkmaar sinds 1994.

Ik voer een algemene praktijk met een nadruk op huurrecht, arbeidsrecht en incassozaken. Zowel voor particulieren en MKB. Ik hecht een groot belang aan een persoonlijke service (uw zaak is niet slechts een dossiernummer) en snel en doortastend handelen met een gedegen kennis van zaken.

In mijn vrije tijd sport ik graag. Met name roeien en skeeleren met de kinderen.

mr. F.R. (Franky) Menso

Geboren in 1965, samenwonend en vader van twee kinderen. Advocaat te Alkmaar sinds 1992.

Ik voer een algemene praktijk met een nadruk op personen- en familierecht, strafrecht, psychiatrisch patiëntenrecht (BOPZ) en arbeidsrecht. Zowel voor particulieren en MKB. Het gaat mij niet alleen om het dossier maar ook om de mens erachter.

In mijn vrije tijd doe ik aan hardlopen en muziek. Daarnaast ben ik een groot liefhebber van klassieke auto’s en films van voor 1980.

Bel mij terug