Ouderlijk gezag

Het ouderlijk gezag omvat het recht en de plicht van een ouder om een kind te verzorgen en op te voeden. In de dagelijkse praktijk uit zich dat onder meer in het maken van (belangrijke) beslissingen, zoals schoolkeuze, van welke sportclub het kind lid wordt en beslissingen over medische behandelingen.

Verkrijgen van ouderlijk gezag

De moeder heeft bij de geboorte van een kind van automatisch het ouderlijk gezag. Is het kind geboren binnen een huwelijk of geregistreerd partnerschap van de ouders, dan hebben de vader en de moeder het gezamenlijk gezag. Is er geen sprake van een huwelijk of geregistreerd partnerschap, dan heeft de moeder automatisch enkel het eenhoofdig gezag. Als de vader in dit laatste geval ook het ouderlijk gezag wilt, kan hij met de moeder een aantekening maken in het gezagsregister. Daarvoor moet de moeder wel toestemming geven en bovendien is vereist dat de vader het kind eerst heeft erkend. Ook daarvoor heeft de vader toestemming nodig van de moeder. Geeft zij die toestemming niet, dan kan de vader onder voorwaarden bij de rechtbank een verzoek tot vervangende toestemming indienen.

Ouderlijk gezag na ontbinding huwelijk of geregistreerd partnerschap

Na een scheiding behouden de beide ouders het gezag over het kind. Dit is alleen anders als, gelet op de belangen van het kind, de rechtbank oordeelt dat voortaan één van de ouders het ouderlijk gezag zal uitoefenen. Dit zal zich niet snel voordoen: de rechtbank toetst daarbij aan het klemcriterium. Kort gezegd komt dat erop neer dat het gezamenlijk gezag alleen in stand blijft als het kind daardoor niet ‘klem of verloren’ raakt tussen de ouders, bijvoorbeeld wegens een loyaliteitsconflict.

Gezag na scheiding met nieuwe partner

Ingeval van een scheiding of beëindiging van een geregistreerd partnerschap komt het dikwijls voor dat de desbetreffende ouder een nieuwe partner krijgt (ook wel: stiefouder). De nieuwe partner kan dan enkel het gezamenlijk gezag uitoefenen als dit eerst is aangevraagd bij de rechtbank. De voorwaarden hiervoor zijn afhankelijk van de specifieke situatie. Als er al sprake was van gezamenlijk gezag tussen de ex-partners, zal de ene ouder eerst een verzoek tot eenhoofdig gezag moeten indienen. Aansluitend kan de partner van de ouder na drie jaar een verzoek tot gezamenlijk gezag indienen.

Geschil omtrent ouderlijk gezag

Als ouders een geschil hebben omtrent de uitvoering van het ouderlijk gezag, kunnen zij dit ter beoordeling voorleggen aan de rechter.  De rechtbank neemt dan een beslissing die zij meest in het belang van het kind acht. Over tal van uiteenlopende zaken op het gebied van het ouderlijk gezag kan de rechtbank vervangende toestemming verlenen als de andere ouder deze niet geeft. Dit komt met name vaak voor bij het op reis gaan met kinderen, waarbij een ouder in een aantal gevallen voor een vakantie met het kind toestemming nodig heeft van de andere ouder. De ouder moet die toestemming door middel van dit formulier kunnen aantonen.

Wijziging ouderlijk gezag

Bij een verzoek tot wijziging van het ouderlijk gezag (van gezamenlijk naar eenhoofdig of andersom) kijkt de rechtbank vooral naar de vraag op welke wijze het belang van het kind het beste gediend worden. De praktijkvoorbeelden daarvan zijn talrijk. Een ouder kan een verzoek om met het gezamenlijk gezag te worden bekleed combineren met een verzoek tot achternaamswijziging. 

Ontheffing of ontzetting uit het ouderlijk gezag

Ouders die het ouderlijk gezag niet op de juiste wijze uitoefenen, kunnen dit kwijtraken. In dat geval volgt, op verzoek van de Raad voor de Kinderbescherming, een ontzetting of ontheffing uit het ouderlijk gezag. In de regel gebeurt dat als de ontwikkeling van het kind (ernstig) in gevaar dreigt te komen. Vanwege de ingrijpende gevolgen daarvan spreekt de rechtbank dat verzoek alleen uit als de verwachting is dat de ouders op korte termijn geen verbetering laten zien.

Advocaat familierecht

Ouderlijk gezag is, wanneer de ouders uit elkaar zijn, sterk verbonden met het bestaan van een omgangsregeling. Het slecht verlopen van een omgangsregeling is op zichzelf onvoldoende om het het gezamenlijk gezag te beëindigen dan wel wijzigen. Er moeten daarvoor meerdere redenen zijn. Onze advocaat personen- en familierecht staat u graag terzijde met nader advies op alle gebieden binnen het kader van ouderlijk gezag.

Waarom ons

Gratis kennismakingsgesprek

1000+ zaken behandeld

Flexibel én voordelig

Ook pro-deo

30+ jaar ervaring

Woensdag inloopspreekuur

Uw advocaten op dit gebied

mr. P.P.J.L (Peter) Appelman

Geboren in 1956 en vader van drie zonen. Oprichter van het kantoor en sinds 1985 advocaat te Alkmaar.

Mijn aandachtsgebieden als advocaat zijn arbeidsrecht, sociaal zekerheidsrecht en personen- en familierecht.

Mijn hobby is atletiek. Momenteel ben ik actief als looptrainer bij atletiekvereniging Trias in Heiloo. Ik loop jaarlijks nog de kwart marathon van Egmond. In mijn jongere jaren was ik een begenadigd middenafstandsloper met o.a. een Nederlands kampioenschap.

mr. J. (Johan) de Haan

Geboren in 1961, getrouwd en vader van drie kinderen. Advocaat te Alkmaar sinds 1994.

Ik voer een algemene praktijk met een nadruk op huurrecht, arbeidsrecht en incassozaken. Zowel voor particulieren en MKB. Ik hecht een groot belang aan een persoonlijke service (uw zaak is niet slechts een dossiernummer) en snel en doortastend handelen met een gedegen kennis van zaken.

In mijn vrije tijd sport ik graag. Met name roeien en skeeleren met de kinderen.

mr. F.R. (Franky) Menso

Geboren in 1965, samenwonend en vader van twee kinderen. Advocaat te Alkmaar sinds 1992.

Ik voer een algemene praktijk met een nadruk op personen- en familierecht, strafrecht, psychiatrisch patiëntenrecht (BOPZ) en arbeidsrecht. Zowel voor particulieren en MKB. Het gaat mij niet alleen om het dossier maar ook om de mens erachter.

In mijn vrije tijd doe ik aan hardlopen en muziek. Daarnaast ben ik een groot liefhebber van klassieke auto’s en films van voor 1980.