Sinds 1 januari 2015 geldt op grond van het nieuwe artikel 7:668 een aanzegplicht. Deze plicht houdt in dat een werkgever verplicht is om zijn werknemer uiterlijk één maand voor afloop van de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd (met een duur van 6 maanden of langer) schriftelijk te laten weten (1) of de arbeidsovereenkomst wordt voortgezet

Voor de totstandkoming van een overeenkomst gelden enige basisvoorwaarden. Vage afspraken op papier zijn dan ook niet rechtsgeldig enkel en alleen omdat er een krabbel onder stond. ECLI:NL:RBNNE:2015:1841 (Rechtspraak.nl)

Ongepaste uitlatingen van een werknemer vormden in deze zaak geen dringende reden voor ontslag op staande voet. De rechter kwam tot dit oordeel omdat de werkgever geen beleid had ten aanzien van omgang met social media door het personeel. Daarnaast werd de bedrijfsnaam niet genoemd en is het bericht snel verwijderd toen de werkgever erover klaagde.

Op 9 oktober 2015 deed de Hoge Raad een belangrijke uitspraak voor de alimentatiepraktijk. De Hoge Raad bepaalde dat het kindgebonden budget niet in mindering mag worden gebracht op de behoefte van het kind, zoals de richtlijnen per 1 januari 2015 voorschrijven. De Hoge Raad meent dat het kindgebonden budget bij het inkomen van de alimentatiegerechtigde

Een cliënt is betrokken bij een eenzijdig verkeersongeval en heeft de plaats van het ongeval verlaten om naar huis te lopen. De dienstdoende agenten vragen aan omstanders waar cliënt is en gaan naar zijn huis.

Het is wenselijk dat degene die wordt verdacht van een strafbaar feit en voor de rechter moet verschijnen wordt bijgestaan door een advocaat. Het gaat immers om een procedure die niet voor een ieder alledaags is.

Het hebben van rustig woongenot is een groot goed. Daar is iedereen het wel over eens. Maar soms kan dat woongenot flink verstoord worden. Bijvoorbeeld als er over u geklaagd wordt, terwijl u vindt dat u helemaal geen overlast bezorgt.

Onlangs beklaagde een vader zich bij de Hoge Raad over het feit dat het Hof naar zijn mening een onjuiste maatstaf had aangelegd door bij de bepaling van de behoefte van zijn niet studerende jongmeerderjarige zoon aansluiting te zoeken bij de Trema normen.

Onlangs boog de Rechtbank Den Haag zich over het verzoek van twee (ex) samenwonenden om hun afspraken m.b.t. de kinderen welke zij in een ouderschapsplan hadden vastgelegd aan de beschikking te hechten. Tijdens de procedure trok de vrouw zich evenwel terug. De man handhaafde zijn verzoek. Hij meende dat het verzoek kon worden toegewezen ondanks het

Bel voor een gratis kennismakingsgesprek

bel banner v2

Bel mij terug!

Copyright Advocatenkantoor Appelman 2017

Webdesign & internetmarketing by Semster