BKR-registratie verwijderen? Zo vindt de belangenafweging plaats

Sinds de inwerkingtreding van de AVG komen aanzienlijk meer BKR-procedures voor de rechter. De reden daarvoor is eenvoudig: bij een verzoek tot verwijdering moet een kredietverstrekker te allen tijde een belangenafweging maken. Doet de kredietverstrekker dat niet of onjuist, dan kan de rechter daarover een oordeel geven. In dit blog bespreekt onze advocaat hoe die belangenafweging (globaal) dient plaats te vinden.

BKR-registratie: noodzakelijk en evenredig?

Al in twee eerdere blogs schreef onze advocaat over de aspecten die komen kijken bij het verwijderen van een BKR-registratie. In de eerste werd ingegaan op het in de AVG neergelegde beginsel van proportionaliteit en subsidiariteit. Dat houdt kort gezegd in: is de BKR-registratie noodzakelijk (zijn er geen andere methoden voor bescherming van de kredietnemer) en is deze in verhouding (schiet de BKR-registratie niet zijn doel voorbij, gelet op de te beschermen belangen). In een andere blog werd ingegaan op de mogelijkheden om een BKR-registratie te verwijderen in kort geding. Kort gezegd moet er dan sprake zijn van spoedeisendheid, bijvoorbeeld omdat een financieringsvoorbehoud op korte termijn afloopt.

Registratie en belangenafweging

In verreweg de meeste gevallen kan een BKR-registratie buiten rechte worden verwijderd. Dat komt mede omdat vorderingen tot het verwijderen van BKR-registraties, mits goed onderbouwd, door de rechtbank zeer vaak wordt toegewezen. Om die reden is een recente tendens waarneembaar waarbij kredietverstrekkers – mede aan de hand van rechtspraak – steeds zorgvuldiger beoordelen hoe een belangenafweging dient plaats te vinden. Daarbij geldt als uitgangspunt dat de kredietverstrekker de BKR-registratie vrijwel altijd terecht heeft gemeld: zij zijn dit namelijk verplicht als er sprake is van een achterstand van meer dan twee maanden. In de rechtspraak is inmiddels bepaald dat het daarbij niet uitmaakt of de kredietnemer eventuele aanschrijvingen al dan niet ontvangen heeft: het ligt in de risicosfeer van de kredietnemer of hij van een eventuele achterstand en een voorgenomen BKR-melding op de hoogte raakt.

Belangenafweging in de praktijk

In een recente uitspraak zette de rechtbank Overijssel duidelijk uiteen hoe een belangenafweging dient plaats te vinden. Het ging daarin om een kort geding omdat eisers in de procedure, A en B, op korte termijn hun woning dienden te verbouwen. A was in het verleden werkloos geraakt en was als gevolg daarvan in de financiële problemen geraakt. B had een kredietovereenkomst gesloten met Next Finance en Defam. De kredietovereenkomst met Defam betrof een lening ter hoogte van €40.000,-. Nadien ontstonden ook bij B financiële problemen en wendde zich daarvoor naar de gemeente in verband met een minnelijk schuldsaneringstraject. Uiteindelijk werd dat traject succesvol afgerond, waarbij de schuldeisers circa 83% van hun vordering voldaan kregen.

Handreiking Belangenafweging

Aansluitend daarop verzochten A en B Next Finance en Defam om de BKR-registraties te verwijderen. Ter reactie daarop lieten zij weten aan dit verzoek geen gehoor te geven omdat een belangenafweging niet in hun voordeel uitviel. De wijze waarop deze belangenafweging dient plaats te vinden is vastgelegd in de Handreiking Belangenafweging (HBA) van Stichting BKR en de branchevereniging.

De belangrijkste bepalingen daarin zijn:

“(…)

Bij een belangenafweging dient het individueel belang van de consument te worden afgewogen tegen het belang van de kredietverstrekker en de samenleving, die immers zoveel mogelijk overkreditering en problematische schulden wil voorkomen en verhelpen (het algemeen belang). Op basis van deze belangenafweging kan, in uitzonderlijke gevallen, een terechte registratie alsnog worden verwijderd, omdat deze disproportioneel blijkt. (…) Het is belangrijk dat de consument van de bijzondere individuele omstandigheden relevante gegevens aanlevert aan de kredietverstrekker ten behoeve van een zorgvuldige belangenafweging en ordentelijke dossiervorming.

(…)

Als de consument nadere informatie verschaft aan de CKI-deelnemer, kan dit tot een individuele belangenafweging door de CKI-deelnemer aanleiding geven.

(…)

De belangenafweging moet plaatsvinden op basis van de door de consument gestelde bijzondere individuele omstandigheden. Daarbij is de kwaliteit van de argumenten van belang en niet de kwantiteit.

De gestelde feiten en bijzondere individuele omstandigheden moeten, ter voorkoming van misbruik, wel voldoende zijn onderbouwd (bewijs).”

Feiten en omstandigheden: noodzaak?

Ter onderbouwing voor het verwijderen bij de rechtbank voerden A en B kort samengevat de volgende feiten aan. Zij wensten een (aanvullende) hypothecaire geldlening aan te gaan voor de verbouwing van hun huis. Met deze nieuwe lening zouden de maandelijkse geldlasten een stuk lager worden en waardoor zij in staat zouden zijn om noodzakelijke verbouwingen aan hun huis te realiseren. Omdat B reuma en fibromyalgie-klachten had diende het huis – in verband met onder meer vochtproblemen – zo snel mogelijk te worden verbouwd. Tot slot gaven zij aan dat – vanwege de slechte staat van het huis – de kans aanwezig was dat deze t.z.t. zou moeten worden verkocht indien de verbouwingen niet plaats zouden vinden.

Relevante beoordeling

De rechtbank overwoog als volgt. Vaststond dat A en B weliswaar naar waarschijnlijkheid tot augustus 2022 – de datum waarop de registratie zou aflopen – geen hypotheek zouden kunnen verkrijgen, maar ook de rechtbank oordeelde dat de belangenafweging in hun nadeel diende uit te vallen. De rechtbank betrok hierbij de volgende feiten:

a. A woonde al 20 jaar in de huidige koopwoning en had geen bouwkundig rapport overgelegd waaruit de noodzaak voor de verbouwing (op korte termijn) bleek;

b. Onvoldoende was gebleken dat de gezondheid van B dermate ernstig was, dat een verbouwing moest plaatsvinden vóór augustus 2022; in de procedure ontbrak bijvoorbeeld een doktersverklaring;

c. A en B hadden voldoende financiële inkomen, maar hadden dit voornamelijk aangewend aan het aankopen van meubilair zodat daaruit niet (voldoende) noodzaak bleek voor een verbouwing op korte termijn, die hij anders uit eigen middelen had kunnen financieren. Bovendien had hij niet inzichtelijk gemaakt waarom het niet was gelukt hiervoor te sparen;

d. Daarnaast ontbrak een begroting voor de kosten van de verbouwing, zodat het bedrag van €30.000,- niet onderbouwd was.

Advocaat bij verwijderen BKR-registratie

Zoals blijkt uit het HBA is voor een belangenafweging de kwaliteit van de argumenten van belang, niet de kwantiteit. Daarom is het ook bij BKR-registraties van evident belang om de vordering en de noodzaak tot verwijdering van de BKR-registratie te onderbouwen met relevante bewijsstukken. Onze advocaat voorziet u in dit kader graag van passend advies over de kansen en mogelijkheden wanneer u een BKR-registratie (met spoed) verwijderd dient te krijgen.

Categorie

Waarom ons

Gratis kennismakingsgesprek

1000+ zaken behandeld

Flexibel én voordelig

Ook pro-deo

30+ jaar ervaring

Woensdag inloopspreekuur